De zes pilaren van geloof (imaan)

De zes pilaren van geloof (imaan)

geloof in Allah ﷻ


De betekenis van geloof in Allah 

Dit betekent een stevig geloof dat Allah ﷻ bestaat, en de resolute bevestiging van Zijn Heerschappij (Roeboebiyyah), Zijn Alleenrecht van Aanbidding (Oeloehiyyah) en Zijn Namen en Eigenschappen (Asma was Siffaat). 

We zullen deze vier zaken hier uitgebreid bespreken:




 

De aangeboren neiging van geloof in Allah (fitra)


De bevestiging van het bestaan van Allah is iets dat aangeboren is in mensen en het verlangt geen bewijs. Het is zelfs de voornaamste reden dat de meeste mensen Gods bestaan erkennen ondanks hun verschillende religieuze overtuigingen.

We weten in ons hart dat Allah bestaat, want we zoeken altijd Zijn hulp en steun in barre tijden of wanneer we door rampspoed worden getroffen. Dit komt door de aangeboren neiging om in Hem te geloven en om Hem te aanbidden (fitra), die Hij ons heeft ingeprent, ondanks dat sommigen deze proberen te vernietigen of negeren.

De talrijke gebeurtenissen die we gehoord of gezien hebben, waarbij mensen hun gebeden verhoord zagen, of hun wensen uit zagen komen, of hun moeilijkheden verlicht zagen, bewijzen zonder een spoor van twijfel dat Allah ﷻ bestaat.


Bewijzen voor het bestaan van Allah zijn duidelijke en ontelbaar


  • Iedereen erkent inherent het bestaan van de wetten van causaliteit. Met andere woorden: dat alles een duidelijk oorzaak heeft. De verschillende wezens die we om ons heen zien moeten een oorzaak hebben en dat is ongetwijfeld Allah, want het is onmogelijk dat er iets geschapen is zonder schepper, net als het onmogelijk is dat iets zichzelf schept. Zoals het vers gaat: “Of zijn zij door niets geschapen, of zijn zij de scheppers.” (Soera at Toer 52:35) Dit vers betekent simpelweg dat mensen niet geschapen zijn zonder een Schepper en dat zij ook niet zichzelf hebben geschapen. Het is duidelijk dat het Allah is die hen geschapen heeft.
  • Het prachtige ontwerp van het universum, vrij van gebreken; inclusief zijn kleinste, subtielste elementen; zijn hemel, aarde, gesternte en bomen, en vele andere indrukwekkende wonderen. Dit alles bewijst zonder enige vorm van twijfel dat er één Schepper is, Allah, zoals het vers luidt: “Dit is het werk van Allah, die alles heeft vervolmaakt.” (Soera an Naml 27:88) 

Alle sterren en planeten draaien bijvoorbeeld consequent en constant rond hun respectievelijke centra van massa.

Zoals de Qur’an vermeldt: “Noch kan de zon de maan bereiken, noch de dag de nacht inhalen. En allen zweven zij voort in een baan.” (Soera Yaa Sien: 36:40)

De mens is zelf één van de grote tekenen die getuigen van het bestaan van Allah. We hoeven slechts na te denken over de zegeningen van het verstand, de zintuigen en de goed-geproportioneerde en perfect ontworpen lichamen waarmee Allah ﷻ ons gezegend heeft. Zoals de Qur’an vermeldt: “Op de aarde bevinden zich tekenen [van Allahs bestaan] en eveneens in julliezelf. Zien jullie dat dan niet?” (Soera Adh Dhaariyaat 51:21)



 

De betekenis van geloof in Allahs heerschappij


Dit houdt in dat je ervan overtuigd bent dat Allah ﷻ de Heer, Schepper, Onderhouder en Voorziener van alles is; dat Hij degene is die doet leven en doet sterven; dat Hij de enige is die goed of kwaad kan doen; en dat alle beslissingen in Zijn macht liggen; dat alle goeds in Zijn handen is; dat Hij over alles macht heeft; en dat Hij in al deze zaken geen partner heeft.


Geloof in de heerschappij van Allah houdt in dat een moslim gelooft dat:


Allah de enige Schepper in het universum is, zoals de Qur’an vermeldt: “Allah is de Schepper van alle dingen en Hij is de Toezichthouder over alle dingen.” (Soera az Zoemar: 39:62)

De creativiteit van de mens houdt slechts in dat deze iets kan transformeren van de ene staat in de andere, of dat deze iets kan samenstellen of bouwen. Het bevat niet de creatie van iets uit niets of het tot leven brengen van iets dat eerder dood was.


Hij is de enige die Zijn schepping in zijn levensonderhoud voorziet en niemand anders kan dit doen. Zoals de Qur’an stelt: “Er bevindt zich geen levend wezen op de aarde, of de voorziening ervan berust bij Allah.” (Soera Hoed 11:6)


Hij is de meester en eigenaar van alles: “Aan Allah behoort de heerschappij van de hemelen en van de aarde en van al hetgeen zich daartussen bevindt.” (Soera al Maa’ida 5:120)


Hij is de alleenheerser die alle zaken van het universum reguleert: “Hij verordent het bestel van de hemel tot de aarde.” (Soera as Sajda 32:5)

De manier waarop de mens zijn zaken beheert is nogal beperkt en hangt af van het materiaal dat hij tot zijn beschikking heeft. En wanneer hij dit doet kan hij succesvol zijn of juist falen. Echter, de manier waarop Allah de zaken van het universum reguleert is alomvattend en effectief, want er is niets dat het op enige manier kan dwarsbomen. Zoals de Qur’an vermeldt: “Tot Hem behoren de schepping en het gebod. Gezegend is Allah, de Heer der Werelden.” (Soera al A’raaf 7:54)



“Er bevindt zich geen levend wezen op de aarde, of de voorziening ervan berust bij Allah.” (Soera Hoed 11:6)


De Arabische polytheïsten in de tijd van de Profeet ﷺ geloofden in de heerschappij van Allah


De Arabische polytheïsten in de tijd van de Profeet ﷺ bevestigden de heerschappij van Allah. Zij geloofden dat Hij de Schepper, de Meester en de Almachtige is, maar die bevestiging op zichzelf was niet genoeg om hen tot de rangen van islam toe te laten treden. Zoals de Qur’an stelt: “En wanneer je hun vraagt: ‘wie schiep de hemelen en de aarde?’ zeggen zij: ‘Allah.’ Zeg: ‘Alle lof behoort aan Allah.’ Maar de meesten van hen weten het niet.” (Soera Luqmaan 31: 25)

Zeker houdt de bevestiging in dat Allah de Heer der Werelden, de Meester en de Onderhouder is, dat alle daden van aanbidding alleen aan Hem gericht zouden moeten zijn, zonder welke andere partners dan ook naast Hem te erkennen in aanbidding.

Het zou belachelijk zijn om te bevestigen dat Allah de schepper van alles is, alle zaken onder zijn controle heeft, en degene is die doet leven en doet sterven, om vervolgens onze aanbidding aan nog iets of iemand anders toe te kennen. Dat is zeker een van de grootste fouten en de grootste van alle zonden. Zoals de Qur’an opmerkt: “En [gedenk] toen Luqmaan tegen zijn zoon zei, terwijl hij hem raad gaf: ‘O mijn lieve zoon, ken geen gelijken toe aan Allah. Afgoderij is inderdaad een geweldig onrecht.’” (Soera Luqmaan 31: 13)

Toen de Profeet ﷺ werd gevraagd naar de grootste zonde ten aanzien van Allah, antwoordde hij: “Om een concurrent in aanbidding naast Allah te stellen, terwijl alleen Hij jou geschapen heeft.” (Sahieh al Bukhari 4207; Sahieh al Bukhari 86)


Geloof in Allahs heerschappij brengt het hart tot rust.


Geloof in Allahs heerschappij brengt het hart tot rust


Bevestig krachtig dat niets van Allahs schepping Zijn decreet kan betwisten, dat Hij de Schepper en Koning van de gehele mensheid is; dat Hij bepaalt wat goed voor hen is; dat Hij hun enige Schepper en Voorziener is, Degene die al hun zaken regelt; dat niets beweegt of stopt zonder Zijn toestemming, al is het zo klein als een atoom – als je dit bevestigt, dan raakt je hart verbonden met de Almachtige Allah. Dan vraag je niemand om iets behalve Hem; dan vertrouw je op Hem in alle wereldse zaken en kun je alle voor- en tegenspoed in het leven aan met kalmte en vertrouwen, met volharding en doorzettingsvermogen. Wanneer we alles op alles hebben gezet om een werelds doel te behalen en vervolgens tot Allah bidden voor hulp, dan hebben we onze plicht gedaan. Op deze manier vinden we tevredenheid en verlangen we niet naar wat anderen misschien hebben, omdat we er volledig bewust van zijn dat de macht van het besluit bij Allah ligt, die creëert wat Hij wil en kiest voor de mensheid wat het beste is voor haar.



 

Wat betekent dit?


Dit betekent dat je met vaste overtuiging gelooft dat Allah de Enige Ware God is die het waard is om aanbeden te worden. Dit houdt in dat alle zichtbare en verborgen daden van aanbidding, zoals smeekbeden, ontzag, angst, vertrouwen, het gebed, verplichte aalmoezen (zakaat), vasten en het zoeken van hulp alleen aan Hem gericht zouden moeten zijn. Zoals de Qur’an stelt: “Jullie God is één God: er is geen god dan Hij! Hij is de Barmhartige, de Genadevolle.” (Soera al Baqara 2:163)

Dit vers maakt overduidelijk dat Allah de Ene en Enige God is: alleen Hij verdient het om aanbeden te worden en niemand naast Hem of in plaats van Hem mag aanbeden worden.


Getuigen van de eenheid van Allah en alle daden van aanbidding aan Hem alleen richten is de ware verwerkelijking van de uitspraak laa ilaha illallaah.


Het belang van het geloof dat Allah de Enige God is die het waard is om aanbeden te worden


Het belang van het geloof dat Allah de Enige God is die het waard is om aanbeden te worden komt in een aantal aspecten duidelijk naar voren:

1

Het aanbidden van Allah is het ultieme levensdoel van mens en djinn, zoals de Qur’an vermeldt: “En Ik heb de djinn en de mensen alleen geschapen opdat zij Mij aanbidden.” (Soera adh Dhaariyaat 51:56)

2

De aanbidding van Allah is ook de reden dat Allah boodschappers heeft gestuurd aan wie Hij de heilige boeken heeft geopenbaard om te bevestigen dat Allah de Enige God is die het waard is om aanbeden te worden en om valse godheden te verwerpen die naast Hem of in plaats van Hem aanbeden worden. Zoals de Qur’an stelt: “En Wij hebben inderdaad elk volk een boodschapper gezonden [die zei]: ‘Dien Allah en vermijd valse goden.” (Soera an Nahl 16:36)

3

Het aanbidden van Allah is de eerste plicht van de mens aan zijn Schepper. Toen de Profeet ﷺ Mu’aadh ibn Jabal naar Jemen stuurde gaf hij hem de volgende orders en aanwijzingen: “Je gaat naar een volk van de Mensen van het Boek. Laat het eerste zijn waar je hen tot oproept, dat zij getuigen dat er niets of niemand het waard is om aanbeden te worden behalve Allah.” (Sahieh al Bukhari 1389; Sahieh Muslim 19)

Dat wil zeggen dat zij alle daden van aanbidding alleen aan Hem moesten wijden.

4

Geloof dat Allah het enige is dat het waard is om aanbeden te worden, is de ware verwerkelijking van de betekenis van laa ilaha illallaah. Het Arabische woord ilaah (vaak vertaald als ‘god’) verwijst naar iets dat aanbeden wordt. Er is dus niets of niemand die het waard is om aanbeden te worden behalve Allah. Daarom dient er geen daad van aanbidding aan iets te worden gewijd behalve aan Hem alleen.

5

Geloof dat Allah de enige god is die het waard is om aanbeden te worden is de logische uitkomst van geloof dat Hij de Schepper en de Meester is, Degene die alle zaken beheert.



 

Dit omvat het geloof in de namen en eigenschappen die Allah voor Zichzelf bevestigd heeft of die de Boodschapper van Allah ﷺ voor Hem bevestigd heeft op een manier die passend is voor Zijn grootsheid.

Allah ﷻ heeft de mooiste namen en de meest perfecte eigenschappen. Al Zijn namen en eigenschappen zijn uniek, zoals de Qur’an vermeldt: “Er is niets dat gelijk is aan Hem en Hij is de Alhorende, de Alziende.” (Soera ash Shoeraa 42:11) Daarom heeft niets dat Hij gecreëerd heeft soortgelijke namen of attributen op wat voor manier dan ook.


Enkele van de mooiste namen van Allah


“De Barmhartige, de Genadevolle.” (Soera al Fatiha 1:3)

“Hij is de Alhorende, de Alziende.” (Soera ash Shoeraa 42:11)

“Hij is de Machtige, de Wijze.” (Soera Luqmaan 31:9)

“Allah, er is geen andere god dan Hij, de Levende, Degene dankzij Wie alles bestaat en van Wie alles afhankelijk is.” (Soera al Baqara 2:255)

“Alle lof is voor Allah, de Heer der Werelden.” (Soera al Fatiha 1:2)




Voordelen van geloof in de Namen en Eigenschappen van Allah


1

Je leert Allah ﷻ beter kennen, want geloof in de Namen en Eigenschappen van Allah vergroot je kennis van Allah, waardoor je geloof verder toeneemt. Degenen die de Namen en Eigenschappen van Allah kennen en begrijpen, zullen zeker hun hart vol hebben met ontzag en liefde voor Hem, en zijn geneigd zich enkel aan Hem over te geven.

2

Het is de beste manier van het gedenken van Allah (dhikr) om Hem te lofprijzen met Zijn mooiste namen. Zoals de Qur’an het verwoordt: “O jullie die geloven! Gedenk Allah veelvuldig.” (Soera al Ahzaab 33:41)

3

Je kunt Allah aanroepen en smeken om hulp met Zijn namen en eigenschappen, zoals de Qur’an vermeldt: “Aan Allah behoren alle schone namen toe: roep Hem daarmee aan.” (Soera al A’raaf 7:180) Een voorbeeld hiervan is wanneer je zegt: “Ya Tawwaab, tub ‘aleyya! Ya Rahiem, irhamnie!” (‘O Meest Berouwaanvaardende, aanvaard mijn berouw! O Meest Genadevolle, schenk mij genade!’)





> De betekenis van aanbidding (‘ibaada)


Het Arabische woord ‘ibaada omvat alle woorden en daden waar Allah ﷻ van houdt en die Zijn goedkeuring hebben, Zijn geboden of aanbevolen daden en woorden. Het bevat zowel openbare daden als het gebed, de zakaat of de bedevaartstocht; als ook de verborgen vormen van aanbidding, zoals liefde voor Allah en Zijn Boodschapper ﷺ, angst en ontzag voor Allah, vertrouwen op Hem en het zoeken van Zijn hulp.



Aanbidding omvat alle aspecten van het leven



Aanbidding omvat alle daden van een gelovige wanneer deze de bedoeling heeft om er dichterbij Allah ﷻ mee te komen. Het concept van aanbidding in islam is daarom niet beperkt tot de algemene rituelen zoals het gebed en vasten. Het bevat daarentegen alle nuttige daden die worden verricht met goede bedoelingen. Op die manier worden alle goede daden van een moslim beschouwd als daden van aanbidding waarvoor hij beloond zal worden in het hiernamaals. Als hij bijvoorbeeld eet, slaapt of drinkt met de intentie om sterker te worden zodat hij gehoor kan geven aan de wil van Allah, zal hij beloond worden voor die intentie. Met andere woorden, een moslim leeft zijn gehele leven voor Allah. Hij eet om sterker te worden zodat hij Allah kan gehoorzamen, huwt om weg te blijven van ongeoorloofde seksuele handelingen, zoekt kennis, behaalt een universitaire graad, doet ontdekkingen, zorgt voor diens partner, kinderen en thuis – dit zijn allen daden van aanbidding, wanneer ze gekoppeld zijn aan de juiste intentie.

> Alle goede daden die worden verricht met de goede intentie worden beschouwd als daden van aanbidding waarvoor de mens zal worden beloond.



De reden achter de schepping van de djinn en de mensheid



Allah ﷻ zegt: “En Ik heb de djinn en de mensen alleen geschapen opdat zij Mij aanbidden. Ik wens geen voorzieningen van hen, noch wens Ik dat zij Mij voeden. Inderdaad, Allah is de Voorziener, de Bezitter van de Sterkste Macht, de Standvastige.” (Soera adh Dhaariyaat 51:56-58)

Allah ﷻ vertelt ons in dit vers dat djinn en mens zijn geschapen om Hem te aanbidden. Hij heeft hun aanbidding echter niet nodig. Integendeel: zij hebben hun aanbidding van Hem nodig omdat zij totaal afhankelijk zijn van Hem.

Als de mens zijn plicht jegens zijn Schepper vergeet en zich overgeeft aan het wereldse plezier zonder de goddelijke reden van zijn bestaan te overdenken, wordt hij net als al die andere schepsels zonder welk voorrecht boven welk ander schepsel dan ook. Dieren eten en vermaken zich ook, maar zij zullen niet ter verantwoording worden geroepen op de Dag des Oordeels zoals de mens: “En degenen die Allah afwijzen maken plezier [in dit leven] en eten [van de voorzieningen] net zoals het vee eet, en het vuur is hun verblijfplaats.” (Soera Mohammed 47:12). Door de plicht jegens hun Heer te veronachtzamen, zijn zij net als dieren, maar in tegenstelling tot dieren zullen zij worden gestraft voor hun ongehoorzaamheid omdat zij, in tegenstelling tot dieren, zijn begiftigd met verstandelijke vermogens.



De pilaren van aanbidding



Het soort aanbidding dat Allah heeft voorgeschreven is gevestigd op twee belangrijke pilaren:

De eerste pilaar: totale nederigheid en vrees

De tweede pilaar: complete liefde voor Allah ﷻ

Daarom dient de door Allah aan Zijn dienaren voorgeschreven aanbidding (‘ibaada) vergezeld te worden van (1) totale overgave aan en nederigheid voor Allah met vrees voor Hem en (2) totale liefde voor Hem, door alleen Hem te vragen, aan te roepen en te smeken.

Liefde die niet gepaard gaat met vrees, zoals de liefde voor eten en welvaart, kan niet als aanbidding worden beschouwd. Tegelijkertijd kan vrees die niet gepaard gaat met liefde, zoals vrees voor een woest beest of een tirannieke heerser, niet beschouwd worden als aanbidding. Voor de verwezenlijking van aanbidding in een handeling, moeten zowel vrees als liefde worden verwezenlijkt, en dit kan alleen aan Allah gericht worden.

Aanbidding of ‘ibaada is enkel geldig wanneer het alleen en met oprechtheid aan Allah wordt gericht en wanneer het in overeenstemming is met de soenna van Zijn Boodschapper 



Voorwaarden van aanbidding



  • Aanbidding of ‘ibaada is enkel geldig wanneer het aan twee voorwaarden voldoet:
    • 1

      Oprechtheid: het moet met oprechtheid aan niets of niemand anders worden gericht dan Allah.

    • 2

      Soenna: het volgen van de leiding van de Boodschapper van Allah ﷺ.

De Qur’an benadrukt dit punt: “Welzeker! Wie zijn gezicht in [volle] overgave tot Allah wendt en goed doet, ontvangt zijn beloning bij Allah. Voor hen bestaat geen vrees, noch behoeven zij verdrietig te zijn.” (Soera al Baqara2:112)
De bepaling ‘wie zijn gezicht in [volle] overgave tot Allah wendt’ houdt in dat iemand zich bewust is van de essentie van monotheïsme en alleen Allah aanbidt.
De woorden ‘en goed doet’ houden in dat deze persoon de regelgeving van Allah en de soenna van Zijn Boodschapper ﷺ volgt.



Het is belangrijk om op te merken dat het volgen van de leiding van de Profeet ﷺ hier enkel verwijst naar de pure daden van aanbidding, zoals bidden, vasten en het gedenken van Allah. Het verwijst hier niet naar de handelingen die vallen onder de algemene betekenis van aanbidding (‘ibaada), d.w.z. die handelingen en praktijken die iemand doet met een goede intentie om beloond te worden door Allah, zoals trainen om fysiek sterker te worden zodat je Allah beter kunt aanbidden, of een handeltje beginnen zodat iemand zijn familie beter kan onderhouden. Bij dergelijke activiteiten dien je er alleen zeker van te zijn dat je niet ingaat tegen specifieke leerstellingen van de Profeet ﷺ of dat je een verboden handeling begaat.

> Partners toekennen aan Allah in aanbidding (shirk)


  • Shirk gaat in tegen het geloof dat alleen Allah het waard is om aanbeden te worden. Het geloof dat alleen Allah het waard is om aanbeden te worden en dat alle daden van aanbidding aan Hem gericht moeten worden, zijn de grootste en belangrijkste plichten van een moslim naar diens Heer. Shirk, daarentegen, wordt beschouwd als de grootste zonde ten aanzien van Allah en als de enige zonde die nooit wordt vergeven zonder oprecht berouw. De Qur’an zegt hierover: “Allah vergeeft niets als aan Hem gelijken worden toegekend. Afgezien daarvan, vergeeft Hij wie Hij wil.” (Soera an Nisaa’4:48) Toen de Profeet ﷺ werd gevraagd over de grootste zonde ten aanzien van Allah, antwoordde hij: “Om iets of iemand naast Hem te plaatsen als rivaal in aanbidding, terwijl alleen Hij jou geschapen heeft.” (Sahieh al Bukhari: 4207 en Sahieh Muslim: 86)
  • Shirk maakt daden van aanbidding zeker waardeloos en ongeldig, zoals de Qur’an vermeldt: “En indien zij gelijkwaardigen naast Hem hadden aanbeden, zou alles wat zij hebben gedaan tevergeefs zijn geweest.” (Soera al An’aam 6:88)

    Degenen die de onvergeeflijke zonde van shirk begaan zullen voor de eeuwigheid gedoemd tot het hellevuur zijn. Zoals de Qur’an vermeldt: “Voor degene die anderen met Allah vereenzelvigt, voor hem heeft Allah de tuin verboden. En het vuur is zijn bestemming.” (Soera al Maa’ida 5:72)



Shirk bestaat uit twee vormen: grote shirk en kleine shirk.


  1. Grote shirk: dit omvat het wijden van welke manier van aanbidding dan ook, aan iets of iemand anders dan Allah. Daarom getuigt het wijden van woorden en daden waar Allah van houdt aan Hem alleen, van monotheïsme en het ware geloof. Echter, deze woorden en daden wijden aan een ander dan Allah is een daad van ongeloof en shirk.

    Voorbeelden van dit type shirk zijn: iemand anders dan Allah vragen om je te genezen van een ziekte of je welvaart te schenken; vertrouwen op iets of iemand anders dan Allah; jezelf ter aarde werpen voor iets of iemand anders dan Hij.

    Allah zegt: “Jullie Heer zei: ‘Roep Mij aan, Ik beantwoord jullie.’” (Soera al Ghaafir 40:60)

    “En stel jullie vertrouwen in Allah, indien jullie gelovig zijn.” (Soera al Maa’ida 5:23)

    “Kniel dan voor jouw Heer en aanbid [Hem].” (Soera al Najm 53:62)

    Voor iemand die welke daad van aanbidding dan ook wijdt aan iets of iemand anders dan Allah, geldt dat deze persoon strikt genomen een ongelovige is.

  2. Kleine shirk: dit omvat de woorden en daden die leiden naar het begaan van grote shirk

    Voorbeelden van dit type shirk zijn het langer maken van het gebed of het luider reciteren van de Qur’an om ermee te pronken. De Profeet ﷺ merkte eens op: ‘Wat ik het meest voor jullie vrees is de kleine shirk.’ Zijn metgezellen vroegen: ‘wat is kleine shirk, Boodschapper van Allah?’ Hij antwoordde: ‘pronken.’ (Musnad Ahmad:23630)

    Echter, wanneer iemand een daad van aanbidding alleen verricht om gezien te worden; wanneer het gebed of het vasten niet verricht zouden worden als de mensen niet zouden kijken, dan is deze persoon zeker een hypocriet. Dit valt onder grote shirk waarmee iemand zichzelf buiten islam plaatst.



Valt het vragen van mensen onder het begaan van shirk?



Het doel van islam is om de menselijke geest te bevrijden van de ketenen van bijgeloof en om zich over te geven aan niemand anders dan de Enige Ware God – Allah ﷻ.

Het is daarom niet toegestaan om de doden of om de levensloze schepping om iets te vragen of je aan hen over te geven. Wanneer je dit wel doet is dit simpelweg bijgeloof en een onverholen daad van shirk.

Het is echter wel toegestaan om de levenden te vragen om de hulp waartoe zij in staat zijn, bijvoorbeeld om je te redden wanneer je verdrinkt of om hen te vragen om voor ons tot Allah te bidden.


  • Is het toegestaan om iets te vragen van een dood persoon of van het levenloze gedeelte van de schepping?
    • Ja

      Dit is een onverholen daad van shirk die ingaat tegen islam en geloof (imaan) omdat de doden en het levenloze deel van de schepping niet in staat zijn om gebeden te horen of, wanneer ze de gebeden wel kunnen horen, om deze te verhoren. Het aanroepen of smeken is een daad van aanbidding en wanneer je deze aan een ander dan Allah richt is dit een daad van shirk. De Arabische polytheïsten uit de pre-islamitische tijd riepen vaak de doden en het levenloze deel van de schepping aan.

    • Nee

      We kunnen enkel de levenden die ons verzoek kunnen horen om hulp vragen. Zijn ze echter in staat om jouw verzoek te kunnen inwilligen? Met andere woorden: behoort het tot hun mogelijkheden?

      • Ja

        Dit is toegestaan en wordt beschouwd als een van de mogelijke vormen van dagelijkse, menselijke interactie.

      • Nee

        De levenden vragen om iets te doen wat zij onmogelijk kunnen doen is een vorm van grote shirk die ingaat tegen islam, omdat het neerkomt op het aanroepen van iemand naast Allah. Een voorbeeld hiervan is wanneer iemand die onvruchtbaar is, een ander persoon zou vragen om rechtschapen kinderen.

 > De levenden vragen om hulp waartoe zij in staat zijn, is een van de toegestane, dagelijkse vormen van menselijke interactie.


Het hoogste niveau van imaan (geloof)


Het hoogste niveau van imaan (geloof)


Geloof, of imaan, bevat meerdere niveaus. Hoe meer een moslim zijn plichten richting Allah verzaakt en Hem ongehoorzaam is, des te meer zal zijn geloof afnemen. Omgekeerd, hoe meer hij Allah gehoorzaamt, Hem aanbidt en vreest, des te meer zal zijn geloof toenemen.

Het hoogste niveau van geloof is in islam omschreven als ihsaan (letterlijk: perfectie, liefdadigheid, het verrichten van goede daden, etc.) wat door de Profeet ﷺ als volgt omschreven werd: “Dat betekent dat je Allah aanbidt alsof je Hem ziet en hoewel je Hem niet ziet, ziet Hij jou zeker wel.” (Sahieh al Bukhari:50 en Sahieh Muslim:8)

Daarom moet je onthouden dat Allah ﷻ jou ten alle tijden ziet. Of je nu staat of zit, serieus bent of grapjes maakt: wees Hem niet ongehoorzaam, want weet dat Hij jou altijd in de gaten houdt. Laat angst en wanhoop niet de overhand krijgen, want weet dat Allah met jou is. Je zult op geen enkele manier eenzaamheid ervaren als je in stilte bidt tot Allah en Hem aanroept. Hoe kun je een zonde begaan wanneer je met overtuiging gelooft dat Allah volledig bewust is van wat jij in het openbaar en in het geheim doet? Wanneer jij echter een zonde begaat, toon dan berouw aan Allah en zoek zijn vergiffenis. Hij zal jou zeker vergeven en je berouw aanvaarden.




voordelen van geloof in Allah ﷻ


Enkele voordelen van geloof in Allah ﷻ


1

Allah beschermt de gelovigen tegen kwaad en tegenspoed en tegen complotten van hun vijanden, zoals de Qur’an zegt: “Allah verdedigt degenen die geloven.” (Soera al Hajj 22:38)

2

Geloof in Allah brengt blijdschap en is de bron van een goed leven, zoals de Qur’an vermeldt: “Wie een goede daad verricht, [zowel] man als vrouw, en een gelovige is, diegene doen Wij een goed leven leiden.” (Soera an Nahl 16:97)

3

Geloof in Allah bevrijdt het menselijk verstand van bijgeloof. Degenen die in Allah ﷻ geloven, vertrouwen volledig op Hem en zijn volledig toegewijd aan Hem, de Heer der Werelden, de Enige Ware God zonder partners in aanbidding. Het resultaat hiervan is dat zij bang zijn voor niemand en hun devotie enkel tonen aan Allah. Dit bevrijdt hen van alle bijgeloof en misconcepties.

4

Het beste voordeel van geloof in Allah is het verkrijgen van de tevredenheid van Allah, van de toegang tot het paradijs en van het genot van eeuwigdurende gelukzaligheid en de onbegrensde genade van Allah.




Geloof in de engelen



De betekenis van geloof in de engelen van Allah



Dit betekent dat ze bestaan en dat ze toebehoren aan de wereld van het ongeziene, niet aan onze wereld. Dit betekent ook dat ze geëerde en vrome dienaren zijn, die Allah aanbidden zoals Hij het verdient om aanbeden te worden, die Zijn geboden uitvoeren en Hem nooit ongehoorzaam zijn.

De Qur’an zegt over hen: “Zij zijn niet anders dan geëerde dienaren. Zij spreken niet voordat Hij heeft gesproken en zij handelen alleen volgens Zijn gebod.” (Soera al Anbiyaa’ 21:26-27)

Geloof in hen is een van de zes pilaren van imaan (geloof), zoals de Qur’an vermeldt: “De Boodschapper gelooft in hetgeen door zijn Heer aan hem is neergezonden en de gelovigen [eveneens]. Allen geloven in Allah, in Zijn engelen, in Zijn boeken en in Zijn boodschappers.” (Soera al Baqara 2:285)

Toen de Profeet ﷺ werd gevraagd over geloof, zei hij: “Dat is geloof in Allah, Zijn engelen, Zijn boeken, Zijn boodschappers, de Laatste Dag en geloof in de goddelijke bepaling, het goede en het slechte ervan.” (Sahieh Muslim: 8)



Wat omvat geloof in de engelen?



1

Geloof in hun bestaan: we geloven dat Allah hen heeft gecreëerd uit licht, met de natuurlijke aanleg om Hem te aanbidden en gehoorzamen.

2

Geloof in de engelen wiens namen aan ons vermeld zijn, zoals Djibriel (Gabriel) . We geloven ook in degenen wiens namen niet aan ons vermeld zijn.

3

Geloof in hun eigenschappen zoals deze aan ons vermeld zijn. Dit omvat de volgende eigenschappen:


• Ze behoren toe aan de ongeziene wereld, die Allah de Almachtige enkel heeft geschapen voor Zijn aanbidding. Ze hebben geen goddelijke eigenschappen en hebben een natuurlijke aanleg om volledig gehoorzaam aan Allah te zijn, zoals de Qur’an vermeldt: “Zij zijn niet ongehoorzaam in hetgeen Hij hun beveelt, doch doen hetgeen hun is bevolen.” (Soera at Talaaq 66:6)


• Allah heeft hen uit licht geschapen, zoals bewezen wordt door de hadith: “De engelen werden geschapen uit licht.” (Sahieh Muslim: 2996)


• Ze hebben vleugels, zoals de Qur’an vermeldt: “Alle lof is aan Allah, de Schepper van de hemelen en de aarde, Die de engelen tot boodschappers heeft gemaakt met twee, drie en vier [paar] vleugels. Hij voegt aan de schepping toe wat Hij wenst. Allah heeft macht over alles.” (Soera Faatir 35:1)


4

Geloof in de plichten die aan ons zijn vermeld en die zij uitvoeren naar het gebod van Allah. Deze omvatten:


• De taak van Djibriel (Gabriël) , om de openbaring van Allah aan Zijn boodschappers over te brengen.


• De taak van de engel des doods en zijn assistenten, om de zielen weg te nemen van degenen die voorbestemd zijn om te sterven.


• De taak van de edele scribenten (al kiraam al kaatiboen), de engelen die alle goede en slechte daden van de mensen opschrijven.



Voordelen van geloof in de engelen


Geloof in de engelen heeft talrijke voordelen in het leven van een gelovige. Deze omvatten de volgende zaken:

1

het bewustzijn van de totale kracht en macht van Allah: de grandioze schepping van de engelen getuigt duidelijk van de grootsheid van hun Schepper. Het feit dat Allah ﷻ de engelen uit licht en met vleugels heeft geschapen, vergroot de waardering die wij hebben voor Zijn eigenschappen. Het versterkt het belang en de waardering die Hij verdient en doet ons Hem nog meer eren en respecteren.

2

vasthouden aan rechtschapenheid: het diepgewortelde geloof dat er engelen zijn die onze daden opschrijven zorgt ervoor dat we Allah ﷻ vrezen en proberen om Hem niet ongehoorzaam te zijn, of we nu alleen zijn of met anderen.

3

geduldig zijn terwijl we onze plichten naar Allah vervullen: als we ons bewust zijn terwijl wij Allah aanbidden, van de oneindige hoeveelheid engelen in dit uitgebreide universum die Allah gehoorzamen en Hem continu aanbidden zoals Hij aanbeden zou moeten worden, raken we gemotiveerd om alle tegenspoed te doorstaan tijdens het vervullen van onze verplichtingen jegens Allah. We ervaren dan ook een enorm gevoel van blijdschap en geruststelling.

4

dankbaarheid tonen aan Allah: het feit dat Allah de Almachtige enkele engelen heeft geschapen wiens taak het is om mensen te beschermen tegen rampspoed, moedigt ons aan om dankbaar te zijn voor Zijn goddelijke zorg.


De Profeet ﷺ heeft ons meegedeeld in een hadith dat er geen plek is in de zeven hemelen ter grootte van een voetlengte, handlengte of de breedte van een handpalm, waarop geen engel staat, buigt of zich ter aarde werpt.


Geloof in de heilige boeken



De betekenis van geloof in de heilige boeken



Dit betekent dat je een vaste overtuiging hebt dat Allah de Almachtige enkele heilige boeken heeft neergezonden aan Zijn boodschappers, die de spraak van Allah bevatten op een manier die past bij Zijn grootsheid. Deze boeken bevatten ook waarheid, licht en leiding voor mensen in deze wereld en in het hiernamaals.

Geloof in de heilige boeken is een van de zes pilaren van geloof, zoals de Qur’an vermeldt: “O jullie die geloven, geloof in Allah, Zijn boodschapper, in het Boek dat Hij Zijn boodschapper heeft geopenbaard en in het boek dat Hij voordien heeft geopenbaard.” (Soera an Nisaa’ 4:136)

In dit vers gebiedt Allah de Almachtige de gelovigen om in Hem te geloven en in Zijn boodschapper en in het boek dat Hij aan Zijn boodschapper heeft geopenbaard, de Qur’an. Hij gebiedt hun ook om in alle boeken te geloven die Hij geopenbaard heeft vóór de Qur’an.

De Profeet ﷺ gaf eens een definitie van imaan (geloof): “Dat is dat je gelooft in Allah, Zijn engelen, Zijn boeken, Zijn boodschappers, en de Laatste Dag en dat je gelooft in Zijn goddelijke bepaling, het goede en het kwade ervan.” (Sahieh Muslim: 8)

De heilige Qur’an wordt neergeschreven met grote bekwaamheid en precisie, naar strikte kalligrafieregels.




Wat omvat geloof in de heilige boeken?



1

Dat je gelooft dat ze werkelijk zijn geopenbaard door Allah

2

Dat je gelooft dat ze de woorden van Allah bevatten

3

Dat je gelooft in de heilige boeken die Allah de Almachtige heeft genoemd, zoals de Qur’an die Hij openbaarde aan onze Profeet Mohammed ﷺ, de Torah (At Tawraa) die Hij openbaarde aan Mozes (Musa) , en het Evangelie (Al Indjiel) dat Hij openbaarde aan Jezus (‘Isa)

4

Dat je gelooft in de authentieke verhalen die erin staan





De unieke en onderscheidende eigenschappen van de Qur’an



De Heilige Qur’an bestaat uit de woorden van Allah die Hij geopenbaard heeft aan onze Profeet Mohammed ﷺ. Daarom zouden we het boek moeten vereren, lezen, zijn verzen moeten overpeinzen en extra hard ons best moeten doen om ons aan zijn voorschriften te houden.

Het moet voldoende zijn om te zeggen dat de Qur’an onze gids is in dit leven en dat hij de reden zal zijn voor onze redding in het hiernamaals.


De Heilige Qur’an heeft talrijke unieke kenmerken die hem onderscheiden van de andere geopenbaarde boeken. Dit omvat het volgende:


1

De Glorieuze Qur’an is een samenvatting van goddelijke bepalingen. Hij werd geopenbaard om het gebod uit de andere heilige boeken te ondersteunen en bevestigen, dat alleen Allah aanbeden moet worden.

De Qur’an zegt hierover: “Wij hebben jou het boek met de waarheid neer gezonden, bevestigend wat voordien in het boek was [verkondigd] en om erover te waken [ter bescherming tegen onwaarheden en als getuige].” (Soera al Maa’ida 5:48)

Dit vers maakt duidelijk dat de Qur’an in overeenstemming is met en een bevestiging is van de waarheid, beweringen en overtuigingen die voorgaande heilige boeken bevatten en op die manier als een getuige over hen is.

2

Alle mensen moeten zich vasthouden aan de Qur’an en handelen in overeenstemming met haar voorschriften, ongeacht hun taal of ras, of hoever ze verwijderd zijn van de tijd van de openbaring van de Qur’an, in tegenstelling tot de vorige geschriften die geopenbaard waren voor specifieke mensen in een specifieke tijd. De Qur’an vermeldt: “En deze Qur’an is aan mij geopenbaard, opdat ik jullie kan waarschuwen en wie hij verder bereikt.” (Soera al An’aam 6:119)

3

Hoewel er vele toevoegingen en weglatingen hebben plaatsgevonden in andere heilige boeken, is de Qur’an intact gebleven omdat Allah de Almachtige het op Zich heeft genomen om hem te beschermen. Zoals de Qur’an vermeldt: “Inderdaad, Wij hebben de vermaning [de Qur’an] neergezonden en, inderdaad, Wij zijn de bewakers ervan.” (Soera al Hijr 15:9)




Wat is onze plicht jegens de Qur’an?
  • We moeten de Qur’an liefhebben en vereren. We moeten zijn belang op waarde schatten want het zijn de woorden van Allah ﷻ, en dat zijn zonder twijfel de beste en meest waarheidsgetrouwe woorden.
  • We moeten hem lezen, reciteren en zijn verzen overpeinzen. We moeten ook nadenken over zijn spirituele leiding, beweringen en verhalen en het als maatstaf gebruiken in ons leven, zodat we onderscheid kunnen maken tussen waarheid en leugen.
  • We moeten handelen in overeenstemming met zijn voorschriften, gehoorzamen aan zijn geboden en het tot onze manier van leven maken.

Toen Aisha , een van de vrouwen van de Profeet ﷺ, gevraagd werd over het karakter van de Profeet ﷺ, antwoordde zei: “Zijn karakter was de Qur’an.” (Musnad Ahmad: 24601 en Sahieh Muslim: 746)

Met andere woorden, de Profeet ﷺ was de praktische belichaming van Qur’anische voorschriften in al zijn daden en in zijn hele wereldse leven. Hij volgde de leiding van de Qur’an volledig en fungeerde zo als een perfect voorbeeld voor ons om te volgen. Zoals de Qur’an het verwoordt: “Jullie hebben in de boodschapper van Allah een prachtig voorbeeld voor wie hoopt op Allah en de Laatste Dag en voor wie Allah vaak gedenkt.” (Soera al Ahzaab 33:21)




Wat is ons standpunt ten opzichte van de inhoud van de eerder geopenbaarde boeken?



Een moslim gelooft dat de Torah, die aan Mozes is geopenbaard, en het Evangelie, dat aan Jezus is geopenbaard, de waarheid van Allah zijn. Een moslim gelooft ook dat ze regelgeving, lessen en nieuws bevatten, dat als licht en leiding was voor de mensen in hun wereldse leven en voor het leven dat nog ging komen.

Echter, Allah de Almachtige informeert ons in de Heilige Qur’an dat de Mensen van het Boek – de joden en de christenen – hun heilige geschriften hebben verdraaid door wijzigingen, weglatingen en toevoegingen aan de oorspronkelijke tekst. Daarom zijn ze niet meer authentiek zoals toen Allah ze voor het eerst openbaarde.

De Torah die vandaag de dag beschikbaar is, is niet hetzelfde als de Torah die aan Mozes is geopenbaard, omdat de Joden de oorspronkelijke tekst hebben gecorrumpeerd door het te veranderen en door de regelgeving aan te passen. Zoals de Qur’an vermeldt: “Onder degenen die werden geleid [de joden] bevinden zich diegenen die bewoordingen uit hun verband halen.” (Soera an Nisaa’ 4:46)

Op een soortgelijke manier is het Evangelie dat vandaag de dag beschikbaar is, niet hetzelfde Evangelie zoals dit aan Jezus is geopenbaard, omdat de christenen het verdraaid hebben en zijn regelgeving hebben aangepast. Hierover zegt de Qur’an: “En onder hen bevindt zich een groep die de tong verdraait bij het oplezen van het boek, opdat jullie denken dat het [een gedeelte van het] boek betreft, terwijl het niet behoort tot het boek. Bovendien zeggen zij: ‘dit is afkomstig van Allah,’ terwijl het niet afkomstig is van Allah. Zij uiten een leugen over Allah, tegen beter weten in.” (Soera Aal ‘Imraan 3:78)

“En met degenen die zeggen: ‘wij zijn christenen,’ hebben Wij [eveneens] een verbond gesloten. Doch zij hebben een gedeelte vergeten van datgene waartoe zij waren gemaand. Daarop hebben Wij vijandschap en haat tussen hen doen ontstaan, tot op de Dag der Opstanding. En Allah zal hun weldra verduidelijken hetgeen zij hebben verricht.” (Soera al Maa’ida 5:14)

De Heilige Bijbel die vandaag de dag beschikbaar is voor de Mensen van het Boek, bestaat uit het Oude en het Nieuwe Testament en het bevat talloze verkeerde geloofsstellingen, misleidende misconcepties, valse beweringen en verhalen. Wij geloven de beweringen en verhalen die bevestigd worden als waarheid door de Qur’an en de authentieke soenna en we geloven niet in de beweringen en verhalen die in tegenstrijd zijn met de Qur’an en de authentieke soenna. Wat betreft de rest van de verhalen en beweringen: wij dienen hier niet in te geloven maar ook niet niet in te geloven, omdat deze niet worden bewezen als waarheid of onwaarheid door de Qur’an en de authentieke soenna.

Desondanks dient een moslim deze boeken te respecteren en ze niet te vernederen of te ontheiligen, omdat ze nog steeds wat van de woorden van Allah kunnen bevatten die nog niet verdraaid zijn.

Een moslim gelooft dat de Torah en het Evangelie werden geopenbaard door Allah ﷻ maar dat vele toevoegingen erin zijn geslopen en dat er veel uit is weggelaten. Daarom gelooft hij alleen in de beweringen die erin staan die overeenkomen met wat er bekend is uit de Qur’an en de authentieke profetische overleveringen.


Voordelen van geloof in de heilige boeken


Geloof in de heilige boeken kent een aantal voordelen, waaronder de volgende:

1

Het creëert bewustzijn van Allahs grote zorg en immense barmhartigheid voor zijn dienaren, omdat Hij ieder volk een heilig boek heeft gezonden om hen te leiden, om hen te helpen om geluk te verkrijgen in dit leven en om eeuwige gelukzaligheid te genieten in het hiernamaals.

2

Het creëert bewustzijn van Allahs absolute wijsheid die zich bevindt in Zijn wetgeving, die voorschrijft aan elk volk wat perfect aansluit op hun algemene omstandigheden en persoonlijkheden. Zoals de Qur’an stelt: “Voor een ieder van jullie [gemeenschappen] hebben Wij een wet [om zich te gedragen] en een weg [om zich door het leven te banen] bepaald.” (Soera al Maa’ida 5:48)

3

We kunnen hierdoor dankbaarheid tonen aan Allah omdat Hij deze boeken heeft neergezonden met licht en leiding voor ons in dit leven en in het hiernamaals. Dit is werkelijk een grote zegening waarvoor we dankbaar aan Allah zouden moeten zijn.




Geloof in de boodschappers



De menselijke behoefte aan een goddelijke boodschap



Mensen hebben een goddelijke boodschap nodig om hen de wetten van Allah te tonen en om hen op het juiste pad te leiden. Een goddelijke boodschap is de geest, het licht en zelfs het leven van de wereld. Zonder deze boodschap zou de wereld zeker levenloos zijn en zou de ongeleide mens in de duisternis van onwetendheid gestort worden.

Daarom noemt Allah de Almachtige Zijn boodschap een geest, want zonder geest is er geen leven. Zoals de Qur’an zegt: “Zo hebben Wij aan jou een ruh [geest, i.e. de Qur’an] van onze beschikking geopenbaard. Jij wist niet wat het boek was, noch wat geloof was. Doch Wij hebben het [boek] tot een licht gemaakt, waarmee Wij leiden wie Wij wensen van Onze dienaren. En jij leidt zeker naar een recht pad.” (Soera ash Shoeraa 42:52)

Hoewel het verstand normaal gesproken onderscheid kan maken tussen goed en kwaad, kan het met geen mogelijkheid dit onderscheid op gedetailleerde wijze begrijpen, of daden van aanbidding verrichten op de juiste wijze zonder de voorschriften van de openbaring en de goddelijke boodschap.

Succes en geluk kan daarom alleen bereikt worden door de leiding van Allahs boodschappers te volgen. Op dezelfde wijze kan geen juist onderscheid gemaakt worden tussen goed en kwaad zonder in hun voetstappen te treden. Wie de goddelijke boodschap verwerpt zal dus zeker een miserabel en ellendig leven leiden, afhankelijk van de mate waarin zij de boodschap verwerpen.

Een heilige boodschap is de geest, het licht en het daadwerkelijke leven van de wereld.



Het is een van de pilaren van geloof



Geloof in de boodschappers van Allah is een van de zes pilaren van imaan (geloof). Zoals de Qur’an stelt: “De boodschapper gelooft in hetgeen door Zijn Heer aan hem is neergezonden en de gelovigen [eveneens]. Allen geloven in Allah, in Zijn engelen, in Zijn boeken en in Zijn boodschappers.” (Soera al Baqara 2:285)

Dit vers maakt het overduidelijk dat we moeten geloven in de boodschappers van Allah zonder onderscheid tussen hen te maken. We moeten daarom niet in sommigen geloven, terwijl we anderen verwerpen, zoals de joden en de christenen deden.

De Profeet ﷺ gaf in dit verband een definitie van imaan (geloof): “Dat is dat je gelooft in Allah, Zijn engelen, Zijn boeken, Zijn boodschappers, en de Laatste Dag en dat je gelooft in Zijn goddelijke bepaling, het goede en het kwade ervan.” (Sahieh Muslim: 8)





De betekenis van geloof in de boodschappers



Dit betekent dat je er volledig overtuigd van bent dat Allah ﷻ een boodschapper aan elke natie en gemeenschap heeft gezonden, die de mensen opriep om alleen Allah te aanbidden zonder Hem partners toe te kennen. Dit betekent ook dat je gelooft dat Allahs boodschappers waarheidsgetrouwe, rechtschapen, betrouwbare en rechtgeleide dienaren waren die er uit alle macht naar streefden om hun mensen op het rechte pad te leiden en de boodschap van Allah in zijn geheel aan hun volk overbrachten, zonder iets te verbergen, weg te laten of toe te voegen. De Qur’an zegt: “Rust er op de boodschappers soms een andere verantwoordelijkheid dan de boodschap duidelijk te verkondigen?” (Soera an Nahl 16:35)






Wat omvat geloof in de boodschappers?



1

Geloof dat hun boodschap werkelijk van Allah ﷻ afkomstig is en dat Allah hen gezonden heeft met dezelfde boodschap, namelijk: om alleen Allah te aanbidden en om valse goden te vermijden. Zoals de Qur’an stelt: “En Wij hebben inderdaad elk volk een boodschapper gezonden [die zei]: ‘aanbid Allah en vermijd alle valse goden.” (Soera an Nahl 16:36)

De wetgeving van de boodschap waarmee de profeten werden gezonden aan hun volk kan variëren aangaande wat wel of niet mag, afhankelijk van welke wetgeving het best bij hun mensen paste. Zoals de Qur’an vermeldt: “Voor een ieder van jullie [gemeenschappen] hebben Wij een wet [om zich te gedragen] en een weg [om zich door het leven te banen] bepaald.” (Soera al Maa’ida 5:48)

2

Geloof in alle profeten en boodschappers. We geloven in de profeten die Allah heeft genoemd, zoals Noah, Abraham, Jezus en Mohammed, moge Allahs vrede en zegeningen op hen allen rusten. Wat betreft degenen die Hij niet heeft genoemd: we geloven in het algemeen in hen allen. Degenen die niet geloven in de boodschap van een enkele profeet, worden als ongelovig gezien in allen.

3

Geloof in de authentieke verslagen en verhalen van de profeten en hun wonderen zoals deze genoemd zijn in de Qur’an en in de overleveringen van de Profeet ﷺ, zoals het verhaal van Mozes waarin Allah ﷻ de zee voor hem deed splijten.

4

Handelen in overeenstemming met de voorschriften van de wetgeving die geopenbaard werd aan onze Profeet Mohammed ﷺ, het zegel der profeten en de beste van hen allemaal.


Enkele eigenschappen van de boodschappers
1

Het zijn mensen. Het enige verschil tussen hen en ons is dat Allah hen heeft gekozen om Zijn goddelijke boodschap te ontvangen en over te brengen. Zoals de Qur’an stelt: “En vóór jou hebben Wij geen anderen als profeten gezonden dan mannen aan wie Wij openbaringen hadden doen neerdalen.” (Soera al Anbiyaa’ 21:7)

Ze hebben dus geen enkele goddelijke eigenschappen. Het zijn eenvoudigweg mensen met een perfect fysiek voorkomen en onberispelijke morele eigenschappen. Het zijn de meest eerbare mensen qua afkomst, begiftigd met gezond verstand en heldere, overtuigende woorden. Hierdoor kwamen zij in aanmerking om de verantwoordelijkheid voor het overbrengen van de boodschap te dragen en werden zij belast met het profeetschap.

Allah de Almachtige ﷻ heeft slechts de boodschappers van onder de mensen gekozen, zodat deze een goed voorbeeld voor hen kunnen zijn en zodat de mensen de mogelijkheid hebben om hen in hun voetsporen te kunnen volgen.

2

Allah ﷻ heeft hen uitgekozen van onder de mensen zodat ze de boodschap over kunnen brengen aan de mensen. Zoals de Qur’an vermeldt: “Zeg: ‘ik ben niet meer dan een mens zoals jullie. Mij wordt geopenbaard dat jullie god slechts één God is. Laat daarom degene, die op de ontmoeting met zijn Heer hoopt, oprechte daden verrichten en bij de aanbidding van zijn Heer [Hem] niemand anders als gelijkwaardige toekennen.’” (Soera al Kahf 18:110)

Het is daarom duidelijk dat profeetschap niet behaald kan worden als resultaat van spirituele puurheid, intelligentie of logica, want de taak van profeetschap kan enkel bepaald worden door goddelijke wil. En Allah ﷻ weet het beste wie Hij als Zijn boodschappers moet aanstellen. Zoals de Qur’an het stelt: “Allah weet het beste wie Hij de functie van boodschapper geeft.” (Soera al An’aam 6:124)

3 Ze zijn onfeilbaar in de zin dat ze geen fouten maken in het overbrengen van de boodschap van Allah aan de mensen en in het uitvoeren van hetgeen Allah aan hen heeft geopenbaard.
4 Waarachtigheid: ze zijn waarachtig in woord en daad. Zoals de Qur’an zegt: “Dit is hetgeen de Barmhartige heeft aangekondigd, en de boodschappers hebben de waarheid gesproken.” (Soera Yaa Sien 36:52)
5 Geduld en doorzettingsvermogen: zij riepen op tot de religie van Allah, brachten goed nieuws en waarschuwden de mensen. Zij werden blootgesteld aan verschillende vormen van tegenspoed en ontberingen, maar ze verdroegen dat allemaal zodat het woord van Allah kon zegevieren. Zoals de Qur’an zegt: “Wees dus geduldig, zoals de bezitters van vastberadenheid onder de boodschappers geduldig waren.” (Soera al Ahqaaf 46:35)



Tekenen en wonderen van de boodschappers



Allah ﷻ ondersteunde Zijn boodschappers met een aantal tekenen en wonderen om hun waarachtigheid en profeetschap te bewijzen.

Een wonder, of mu’jizah, is een buitengewone gebeurtenis in de fysieke wereld die alle bekende menselijke of natuurlijke krachten overtreft. Het wordt verricht door profeten, middels het gebod van Allah, en het is als het ware de geloofsbrief die bewijst dat zij boodschappers van Allah zijn.

Voorbeelden van wonderen zijn:

  • De staf van Mozes die in een slang verandert
  • Jezus die de mensen vertelt wat zij gegeten hebben en wat zijn in hun huizen hebben opgeslagen
  • Het splijten van de maan door de Profeet Mohammed ﷺ



Geloof van de moslim aangaande Jezus



1

Hij was een van de grootste boodschappers van Allah en een van degenen die hoog werd geacht. Hij is zelfs een van de boodschappers die Allah ﷻ beschrijft als degenen van ‘vastbeslotenheid,’ namelijk: Noah, Abraham, Mozes, Jezus – moge de vrede en zegening van Allah op hen allen rusten. Over deze profeten zegt de Qur’an: “En toen Wij met de profeten een verbond hebben gesloten, en met jou, met Noah, Abraham, Mozes en met Jezus de zoon van Maryam. Wij hebben met hen een hecht verbond gesloten.” (Soera al Ahzaab 33:7)

2

Hij was slechts een mens zonder goddelijke eigenschappen die Allah ﷻ had gestuurd om de Kinderen van Israël te leiden en die Hij ondersteunde met een aantal wonderen. Zoals de Qur’an stelt: “Hij is niet anders dan een dienaar aan wie Wij gunsten hebben verleend. En Wij hebben hem tot een voorbeeld voor de Kinderen van Israël gemaakt.” (Soera az Zukhruf 43:59) 

Hij heeft nooit zijn volk bevolen om hem en zijn moeder Maria als goden te nemen naast Allah. Hij heeft hen enkel gezegd om te doen wat Allah hem geboden heeft te zeggen: “Aanbid Allah, mijn Heer en jullie Heer.” (Soera al Maa’ida 5:117)

3

Hij was de zoon van Maria, een kuise, vrome en waarachtige maagd, die zichzelf volledig had toegewijd aan de aanbidding van Allah. Ze beviel van Jezus nadat zij op wonderbaarlijke manier zwanger was geworden zonder een menselijke vader, zodat hij daarin leek op Adam, zoals de Qur’an zegt: “De gelijkenis van Jezus is bij Allah dezelfde als de gelijkenis van Adam. Hij [Allah] schiep hem uit aarde en zei: ‘wees’ en hij was.” (Soera Aal ‘Imraan 3:59)

4

Er was geen profeet tussen hem en Mohammed ﷺ. Jezus gaf zelfs het goede nieuws van de komst van de Profeet Mohammed , zoals de Qur’an stelt: “En toen Jezus, de zoon van Maria, zei: ‘O kinderen van Israël! Ik ben de boodschapper van Allah naar jullie, als bevestiging van de Torah, die vóór mij was, en als verkondiger van het goede nieuws van een boodschapper die na mij komt, van wie de naam Ahmad is.’ En toen hij [Mohammed] tot hen met duidelijke bewijzen kwam, zeiden ze: ‘dit is duidelijk tovenarij.’” (Soera as Saff 61:6) 

5

We geloven in de wonderen die hij verrichte met toestemming van Allah, zoals zijn vermogen om de doden tot leven te brengen en zijn volk te vertellen wat zij gegeten hadden en wat zij opgeslagen hadden in hun huizen, allemaal met toestemming van Allah. Allah gaf hem het vermogen om zulke wonderen te verrichten om te bewijzen dat hij een echte profeet was die was gekomen met een goddelijke boodschap van zijn Heer.

6

Iemand wordt niet beschouwd als ware gelovige tot hij gelooft dat Jezus een dienaar en boodschapper van Allah ﷻ was en tot hij de valse uitspraken verwerpt die de joden over hem hebben gedaan en die Allah afwijst als onwaarheden. We moeten allemaal met kracht de christelijke leerstellingen over Jezus verwerpen. Zij zijn ver afgedwaald, waardoor zij hem en zijn moeder als goden nemen naast Allah, beweren dat hij de zoon van Allah was en de doctrine aanvaarden van de drie-eenheid waarin naar Allah verwezen wordt als ‘de derde van drie.’ Verheerlijkt is Hij en ver verheven boven hetgeen zij zeggen!

7

Hij is gedood noch gekruisigd. Integendeel, hij werd door Allah opgewekt en meegenomen naar de hemel. Allah gaf Jezus’ uiterlijk aan iemand anders, waardoor iedereen dacht dat Jezus gekruisigd was. De Qur’an zegt hierover: “En omdat ze zeiden: ‘wij hebben de Messias, Jezus, zoon van Maria, de boodschapper van Allah gedood.’ Maar zij hebben hem niet gedood, noch hebben zij hem [ten dode] gekruisigd, doch het werd hun als zodanig voorgehouden. En zij die hierover van mening verschillen, verkeren zeker in twijfel. Zij hebben daaromtrent geen kennis, doch volgen slechts een vermoeden, en zij hebben hem zeker niet gedood. Integendeel, Allah verhief hem tot Zich en Allah is Almachtig, Alwijs. Er is niemand onder de Mensen van het Boek die niet in hem gelooft vóór zijn dood. En op de dag der opstanding is hij getuige tegen hen.” (Soera al Nisaa’ 4:157-159)

Op deze manier beschermde Allah ﷻ hem en nam Hij hem op in de hemel. Hij zal uiteindelijk terugkeren op aarde tegen het einde van de wereld en heersen met de regelgeving van Mohammed ﷺ. Vervolgens zal hij sterven, begraven worden en opgewekt worden net als alle andere mensen. Zoals de Qur’an stelt: “Daaruit [uit de aarde]hebben Wij jullie geschapen en daarin doen Wij jullie terugkeren. Daaruit doen Wij jullie dan voor een tweede keer voortkomen.” (Soera Taa Haa 20:55)

Moslims geloven dat Jezus een van de grootste boodschappers van Allah was, dat hij geen enkele goddelijke eigenschap had en dat hij gedood noch gekruisigd was.




Geloof in Mohammed ﷺ als Profeet en Boodschapper



  • We geloven dat Mohammed ﷺ de dienaar en boodschapper van Allah was, dat hij zonder uitzondering de meest uitmuntende mens was. Hij is het zegel der profeetschap zodat er geen verdere profeet na hem zal zijn. Hij heeft de aan hem opgedragen goddelijke boodschap in zijn geheel overgebracht, zijn profetische taken volbracht, de moslimgemeenschap van oprecht advies voorzien en bijgestaan, en zich sterk ingezet voor de zaak van Allah zo goed als hij maar kon.
  • We geloven wat hij gezegd heeft, gehoorzamen zijn geboden en vermijden de handelingen die hij ons verboden heeft en waar hij voor gewaarschuwd heeft. We dienen Allah te aanbidden volgens zijn leiding (soenna) en niemand dan hij als ons voorbeeld nemen. De Qur’an zegt: “Jullie hebben in de boodschapper van Allah een prachtig voorbeeld voor wie hoopt op Allah en de Laatste Dag en voor wie Allah vaak gedenkt.” (Soera al Ahzaab 33:21)
  • We dienen meer liefde te tonen aan de Profeet ﷺ dan aan onze eigen ouders, kinderen en zelfs meer dan aan de gehele mensheid. De Profeet ﷺ merkte eens op: “Niemand van jullie is een ware gelovige, tot hij meer van mij houdt dan van zijn ouders, zijn kinderen en van de gehele mensheid.” (Sahieh al Bukhari:15 en Sahieh Muslim: 44) Echter, ware liefde voor de Profeet ﷺ kan enkel gerealiseerd worden door zijn soenna te volgen. Sterker nog, waar geluk en complete leiding kunnen niet bereikt worden zonder hem te gehoorzamen. Zoals de Qur’an stelt: “Indien jullie hem gehoorzamen, worden jullie rechtgeleid. Op de boodschapper rust niets anders dan [de verantwoordelijkheid van] de duidelijke verkondiging.” (Soera an Noer 24:54)
  • We dienen alles te accepteren dat hij ons van de Almachtige Allah heeft gebracht, vast te houden aan zijn soenna en zijn leiding hoog te achten. Zoals de Qur’an vermeldt: “Maar nee, bij jouw Heer, zij geloven niet, totdat zij jou [Mohammed] tot rechtspreker maken over al hetgeen bij hen omstreden is, en [zij] bij zichzelf geen weerstand [benauwenis] aantreffen ten opzichte van jouw oordeel en zij zich geheel en al onderwerpen.” (Soera an Nisaa’ 4:65)
  • We dienen ongehoorzaamheid aan zijn geboden te vermijden, want ongehoorzaamheid leidt zeker tot beproevingen, misleiding en een zware bestraffing in het hiernamaals. Zoals de Qur’an stelt: “En laat degenen die zijn bevel niet opvolgen op hun hoede zijn, opdat een beproeving of een pijnlijke bestraffing hen niet treft.” (Soera an Noer 24:63)



Kenmerken van de boodschap van de Profeet Mohammed ﷺ


De boodschap van de Profeet Mohammed ﷺ kent een aantal kenmerken die het onderscheiden van voorgaande goddelijke boodschappen. Deze zijn:

  • Het was de laatste goddelijke boodschap. Zoals de Qur’an stelt: “Mohammed is niet de vader van één van jullie mannen, maar de boodschapper van Allah en het zegel der profeten.” (Soera al Ahzaab 33:40)
  • Het hief alle voorgaande boodschappen en wetgevingen op, zodat er na de missie van Mohammed ﷺ buiten islam geen andere religie aanvaard wordt door Allah. En deze religie kan enkel beoefend worden door de leiding van de Profeet Mohammed ﷺ te volgen. Niemand zal toegelaten worden tot het paradijs zonder in zijn voetstappen te treden, omdat hij de nobelste van alle boodschappers van Allah is; omdat zijn gemeenschap (oemma) de beste gemeenschap is die is voortgebracht voor het welzijn van de mensheid; en omdat zijn wetgeving de meest uitgebreide is van alle goddelijke wetgeving. De Qur’an zegt: “En wie een andere religie dan islam zoekt, het zal van hem niet worden aanvaard, en hij behoort in het hiernamaals tot de verliezers.” (Soera Aal ‘Imraan 3:85) De Profeet ﷺ heeft ook gezegd: “Bij Degene in Wiens hand de ziel van Mohammed is, elke persoon uit een gemeenschap, hetzij jood of christen, die van mij hoort en sterft zonder te geloven in hetgeen waarmee ik gezonden ben, zal van de inwoners van de hel zijn.” (Sahieh Muslim: 153 en Musnad Ahmed: 8609)
  • Het is gezonden aan zowel de djinn als aan de mensen. De Qur’an benoemt enkele uitspraken van de djinn die islam aanvaardden: “O volk van ons! Geef gehoor aan degene die oproept tot Allah en geloof in Hem.” (Soera al Ahqaaf 46:31) De Qur’an zegt ook tegen Mohammed ﷺ: “En Wij hebben jou [o Mohammed] voor de gehele mensheid niet anders gezonden dan als een drager van goed nieuws en als een waarschuwer, maar de meeste mensen weten het niet.” (Soera Saba’ 34:28) In dit verband heeft de Profeet ﷺ gezegd: “Ik ben bevoordeeld over de andere profeten op zes manieren: ik ben begunstigd met compacte, begrijpelijke taal; ik word gesteund door angst [die Allah in de harten van mijn vijanden heeft geplaatst]; oorlogsbuit is voor mij toegestaan; de gehele aarde is voor mij een manier van rituele reiniging en een plaats van aanbidding; ik ben gezonden aan de gehele mensheid; en de lijn van de profeten eindigt met mij.” (Sahieh al Bukhari: 2185 en Sahieh Muslim: 523)




De voordelen van geloof in de boodschappers van Allah


Het geloof in de boodschappers van Allah kent een aantal voordelen, zoals de volgende:

1

Bewustzijn van de zorg van Allah voor Zijn dienaren, omdat Hij boodschappers aan hen heeft gezonden om hen te leiden naar het rechte pad en om hen te laten zien hoe zij Allah dienen te aanbidden. Het menselijk verstand kan dit zeker niet alleen. Allah ﷻ spreekt de Profeet Mohammed ﷺ aan in de Qur’an: “Wij hebben jou [Mohammed] slechts gezonden bij wijze van genade voor de werelden.” (Soera al Anbiyaa’21:107)

2

Dankbaarheid betuigen aan Allah voor deze grote zegening.

3

Liefde betuigen aan de boodschappers van Allah, hen hoogachten en prijzen op de juiste manier omdat zij de boodschap van Allah overbrachten aan hun mensen en hen voorzagen van goed advies en bijstand.

4

De leiding in de boodschap volgen die de boodschappers van Allah hebben gebracht: om alleen Allah te aanbidden zonder Hem enige partners toe te kennen in aanbidding en om vast te houden aan de voorschriften van Zijn boodschap. Dit zal gelukzaligheid brengen aan de gelovigen, zowel in dit leven als in het leven dat nog gaat komen.

De Qur’an zegt: “Een ieder die Mijn richtlijnen volgt zal niet afdwalen of ongelukkig worden. Maar wie zich van het gedenken van Mij afwendt, zal in benarde omstandigheden leven.” (Soera Taa Haa 20:123-124)


De Al Aqsamoskee ligt naast de Rotskoepelmoskee (rechts op de foto, met de gouden koepel) in het centrum van Jeruzalem en wordt door moslims zeer hoog geacht.


Geloof in de Laatste Dag



De betekenis van geloof in de Laatste Dag



De vaste overtuiging dat Allah de Almachtige de mensen uit hun graven zal opwekken. Hij zal vervolgens over hen oordelen naar hun daden. Degenen die het verdienen om naar het paradijs te gaan, zullen ernaar toe worden gezonden, terwijl degenen die het verdienen om naar het hellevuur te gaan, daar naartoe gezonden zullen worden.

Geloof in de Laatste Dag is een van de geloofsartikelen en geloof zal niet compleet zijn totdat je gelooft in de Laatste Dag. Zoals de Qur’an stelt: “Vroom is degene die gelooft in Allah en de Laatste Dag.” (Soera al Baqara 2:177)



Waarom benadrukt de Qur’an geloof in de Laatste Dag?



De Qur’an benadrukt geloof in de Laatste Dag, vestigt er verschillende keren de aandacht op met diverse Arabische uitdrukkingen en verbindt geloof in de Laatste Dag met geloof in Allah.

De reden hiervoor is dat geloof in de Laatste Dag een noodzakelijk gevolg is voor geloof in Allah de Almachtige en Zijn absolute rechtvaardigheid. Om dit te illustreren:

Hij zal de zondaren niet onbestraft laten, noch zal Hij de benadeelden in de steek laten door geen genoegdoening te bieden voor het hun aangedane onrecht, noch zal Hij de rechtschapenen teleurstellen door hen niet te belonen voor hun rechtschapenheid. Er zijn velen die hun hele leven andere mensen onderdrukt hebben zonder hiervoor bestraft te zijn; er zijn velen die hun hele leven hebben geleden vanwege het grote onrecht dat hen is aangedaan, zonder dat zij hier genoegdoening voor hebben gekregen. Dit betekent dat er een ander leven moet zijn, waarin de rechtschapen mensen zullen worden beloond en de boosdoeners zullen worden bestraft, zodat iedereen de beloning of bestraffing ontvangt die zij verdienen.

Islam leert ons om onszelf te redden van het hellevuur door vriendelijkheid te tonen aan anderen, al is het door slechts een halve dadel weg te geven uit liefdadigheid.



Wat omvat geloof in de Laatste Dag?



Geloof in de Laatste Dag omvat een aantal zaken, zoals de volgende:

1

Geloof in de uiteindelijke wederopstanding en het bijeenbrengen: dit betekent dat Allah de Almachtige de mensen uit hun graf zal opwekken en dat elke ziel zal terugkeren naar haar respectievelijke lichaam. De mensen zullen vervolgens voor de Heer der werelden staan voor het oordeel. Ze zullen bijeengebracht worden op een grote vlakte, naakt en blootsvoets zoals Allah ﷻ hen oorspronkelijk geschapen heeft.

Geloof in de opwekking van de doden wordt zelfs bevestigd door tekstueel bewijs uit de Qur’an en de soenna. Daarnaast wordt het ook rationeel bewezen door de natuurlijke aanleg van de mens (fitra). We zijn er daarom volledig van overtuigd dat Allah de doden uit hun graven zal doen opstaan, dat hun zielen zullen terugkeren naar hun respectievelijke lichamen en dat alle mensen voor hun Heer zullen staan om beoordeeld te worden.

De Qur’an zegt: “Nadien zullen jullie zeker sterven. Dan, op de Dag der Opstanding, worden jullie zeker tot leven gewekt.” (Soera al Moe’minoen 23:15-16)

Alle heilige boeken hebben bevestigd dat Allah, in Zijn wijsheid, de mensen heeft geschapen met een uiteindelijke dag waarop Hij over hen zal oordelen of zij Zijn geboden hebben gehoorzaamd of verworpen, die Hij naar de mensen zond via Zijn boodschappers. Zoals de Qur’an het verwoordt: “Denken jullie dan dat Wij jullie zomaar hebben geschapen? En dat jullie niet tot Ons worden teruggebracht?” (Soera al Moe’minoen 23:115)


Enkele tekstuele bewijzen uit de Qur’an omtrent de Opwekking

  • Het was Allah ﷻ die de mensen creëerde en Hij is in staat om hen nog een keer tot leven te brengen. Zoals de Qur’an dit verwoordt: “Hij is Degene Die de schepping voortbrengt en haar daarna herhaalt. Dat is gemakkelijk voor Hem.” (Soera ar Roem 30:27). Allah de Almachtige ﷻ weerlegt de bewering dat het onmogelijk is om botten weer tot leven te brengen wanneer deze tot stof zijn vervallen: “Zeg:’Degene Die hen voor de eerste maal schiep, brengt hen weer tot leven.’” (Soera Yaa Sien 36:79)
  • Wanneer de aarde dor en levenloos is, laat Allah de stortregen erop neerkomen, waarna de aarde tot beweging komt, opzwelt en allerlei prachtige planten voortbrengt. Degene die het tot leven kan brengen is zeker in staat om de doden tot leven te brengen. Zoals de Qur’an stelt: “En vanuit de hemelen hebben Wij gezegend water doen neerdalen, waarmee Wij tuinen doen groeien en het graan voor de oogst. En hoge dadelpalmen met dicht gerangschikte trossen, bij wijze van voorziening voor de dienaren. En daarmee brengen Wij dode gebieden tot leven. Op dezelfde wijze geschiedt de Wederopstanding.” (Soera Qaaf 50:9-11)
  • Ieder verstandig mens geeft toe dat, als iemand iets moeilijks kan doen, deze persoon ook iets zou kunnen doen dat eenvoudiger is. Dus als Allah de Almachtige in staat was om de prachtige hemelen te scheppen, de weidse aarde en alle machtige sterren, dan zou Hij zeker met gemak tot stof vergane botten tot leven kunnen brengen. Zoals de Qur’an stelt: “Is Degene Die de hemelen en de aarde heeft geschapen niet bij machte om gelijken van hen te scheppen? Jazeker! Hij is de Alscheppende, de Alwetende.” (Soera Yaa Sien 36:81)



2

Geloof in het oordeel en de weegschaal van daden: Allah de Almachtige zal over mensen oordelen naar de daden die zij in hun wereldse leven hebben verricht. Degenen die alleen Allah hebben aanbeden en die Hem en Zijn boodschapper Mohammed ﷺ hebben gehoorzaamd, zullen een gemakkelijke afrekening ontvangen. Degenen die de onvergeeflijke zonde van shirk hebben begaan en Hem ongehoorzaam zijn geweest, zullen een zware afrekening ontvangen.

De daden van mensen zullen worden gewogen met een grote balans, een weegschaal met twee armen. De goede daden zullen aan de ene kant worden geplaatst en de slechte daden aan de andere kant. Degenen wiens goede daden zwaarder wegen dan hun slechte daden, zullen worden toegelaten tot het paradijs, terwijl degenen wiens slechte daden zwaarder zijn dan hun goede daden, naar het hellevuur gezonden zullen worden. Allah behandelt niemand onrechtvaardig.

Allah ﷻ zegt: “Wij stellen op de Dag der Opstanding weegschalen voor de gerechtigheid in, opdat in geen geval iemand het geringste onrecht wordt aangedaan. Al betreft het slechts het gewicht van een mosterdzaadje, Wij wegen het mee. Wij zijn toereikend als Rekenaars.” (Soera al Anbiyaa’ 21:47)

3

Het paradijs en het hellevuur: het paradijs is de verblijfplaats van eeuwige gelukzaligheid. Allah ﷻ heeft deze gereedgemaakt voor de rechtschapen mensen die Allah en Zijn boodschapper ﷺ hebben gehoorzaamd. Ze zullen hierin alles vinden dat hun harten wensen en dat hun ogen zal behagen.

Allah ﷻ wakkert het verlangen aan van Zijn dienaren om met elkaar te wedijveren in gehoorzaamheid aan Hem, zodat zij in het paradijs zullen worden toegelaten. Allah de Almachtige zegt: “Dus haasten jullie je in het vragen om vergiffenis van jullie Heer en [in het verkrijgen van toegang tot] een tuin, zo uitgestrekt als de hemelen en de aarde, en gereedgemaakt voor degenen die rechtschapen zijn.” (Soera Aal ‘Imraan 3:133)

Wat betreft het hellevuur: dit is de verblijfplaats van eeuwigdurende bestraffing. Allah heeft deze gereedgemaakt voor de ongelovigen, degenen die Allah hebben afgewezen en Zijn boodschappers ongehoorzaam zijn geweest. Ze zullen hierin onvoorstelbare vormen van bestraffing en lijden vinden.

Allah de Almachtige waarschuwt Zijn dienaren tegen het hellevuur en zegt: “Vrees dan het vuur, waarvan de brandstof door mensen en stenen wordt gevormd, en dat gereed is gemaakt voor de ongelovigen.” (Soera al Baqara 2:24)

Wij vragen U, O Allah, om ons tot het paradijs toe te laten en om ons bij te staan om woorden te zeggen en daden te verrichten die ons er dichterbij zullen brengen. We zoeken toevlucht bij U tegen het hellevuur en tegen woorden en daden die ons er dichterbij zullen brengen.

4

Straf vs. gelukzaligheid in het graf. Wij geloven dat de dood een feit is. Zoals de Qur’an stelt: “Zeg: ‘de engel des doods, die voor jullie is aangesteld, doet jullie sterven. Vervolgens worden jullie naar jullie Heer teruggebracht.’” (Soera as Sajda 32:11)

Feitelijk kan niemand de dood ontkennen: wanneer iemand sterft of gedood wordt door wat voor oorzaak dan ook, geloven wij dat diens voorgeschreven tijd is gekomen. Deze tijd kan niet eerder of later komen. Zoals de Qur’an stelt: “En er is voor elk volk een bepaalde termijn. Wanneer hun tijd is gekomen, kunnen zij nog geen enkel uur uitstel krijgen, noch kunnen zij [deze tijd] bespoedigen.” (Soera al ‘Araaf 7:34)

• We geloven ook dat wie sterft, feitelijk is overgegaan naar het volgende leven.

• Er zijn talrijke authentieke overleveringen van de Profeet Mohammed ﷺ waarin hij de bestraffingen van het graf noemt voor de ongelovigen en de slechte mensen; en waarin hij gelukzaligheid noemt voor de gelovigen en de rechtschapen mensen. We geloven in dit alles, maar weerhouden onszelf ervan om uit te vinden hoe dit precies zou gebeuren. De menselijke geest kan onmogelijk deze realiteit bevatten, omdat het deel uitmaakt van de ongeziene wereld, zoals het paradijs en het hellevuur, en omdat het geen deel uitmaakt van de materiële, zichtbare wereld. Het menselijk verstand kan alleen redeneren op basis van analogie en met behulp van deductie zich een oordeel vormen over zaken die dezelfde samenhang hebben en over zaken die onderhevig zijn aan de wetten die we kennen in de zichtbare wereld.

• Het leven in het graf maakt deel uit van de ongeziene wereld die niet waargenomen kan worden met de zintuigen. Wanneer dit wel mogelijk zou zijn, dan zou geloof in het ongeziene van geen enkel nut zijn, omdat er geen wijsheid achter de inachtneming van religieuze plichten zou zitten. Mensen zouden het niet nodig vinden om hun doden te begraven. Zoals de Profeet ﷺ ooit opmerkte: “Ware het niet dat jullie elkaar niet zouden begraven, dan zou ik tot Allah bidden dat Hij jullie de bestraffing van het graf, die ik hoor, ook zou laten horen.” (Sahieh Muslim: 2868 en Sunan An Nasaa’i: 2058) Omdat dieren vrijgesteld zijn van religieuze plichten, kunnen zij de stemmen horen van degenen die gestraft worden in het graf.



Voordelen van geloof in de Laatste Dag


1

Geloof in de Laatste Dag moedigt mensen aan om een vroom leven te leiden, rechtschapen daden te verrichten, ontzag te hebben voor Allah ﷻ en weg te blijven van egoïsme en arrogantie.

Vanwege deze reden verbindt de Qur’an geloof in de Laatste Dag vaak met rechtschapen daden. De volgende twee verzen zijn hier voorbeelden van: “Alleen hij die gelooft in Allah en de Laatste Dag … kan de moskeeën van Allah onderhouden.” (Soera at Tauba 9:18) en: “En degenen die in het hiernamaals geloven , zij geloven erin en zij nemen hun salaat in acht.” (Soera al An’aam 6:92)

2

Het herinnert degenen die volledig opgaan in het wereldse leven en in vergankelijke geneugten, aan het belang van het wedijveren met elkaar in gehoorzaamheid aan Allah. Het moedigt hen aan om zoveel mogelijk goede daden te doen tijdens hun leven. Het laat hen zien dat het wereldse leven vluchtig is en dat het hiernamaals de eeuwigdurende verblijfplaats is.

Nadat Allah ﷻ Zijn boodschappers in de Qur’an heeft geprezen en hun goede daden heeft genoemd, vertelt Hij wat hen aanmoedigde om zoveel goede daden te verrichten: “Wij hebben hen gezuiverd met een zuivere eigenschap: het gedenken van het hiernamaals.”(Soera Saad 38:46)

Dit betekent dat hun constante gedenking van het hiernamaals de reden was dat zij zulke daden verrichtten.

Toen enkele moslims eens te langzaam waren in het gehoorzamen van Allah en Zijn boodschapper ﷺ, openbaarde Allah ﷻ de volgende verzen: “Zijn jullie tevreden met het wereldse leven in plaats van het hiernamaals? De voorziening van het wereldse leven is gering vergeleken met het hiernamaals.” (Soera at Tauba 9:38)

Geloof in het hiernamaals zorgt ervoor dat men zich realiseert dat alle wereldse gemak niets is vergeleken met de eeuwige gelukzaligheid van het paradijs, noch is het een enkele duik in het hellevuur waard. Integendeel, het zorgt ervoor dat men zich realiseert dat alle wereldse ongemakken en beproevingen omwille van Allah onmogelijk vergeleken kunnen worden met de bestraffingen in het hellevuur, noch kan het vergeleken worden met een enkele duik in het paradijs.

3

Het zorgt ervoor dat iemand tevreden is met zijn leven. Hij voelt zich niet verdrietig of triest als hij een wereldse mogelijkheid misloopt. Integendeel, hij doet wat hij kan, in het volle vertrouwen dat Allah de beloning voor iemand die een goede daad verricht niet verloren zal laten gaan. Als iets van hem ontvreemd is op onrechtvaardige of slinkse wijze, zelfs al is het kleiner dan een atoom, dan zal hij het zeker terugkrijgen op de Dag des Oordeels wanneer hij het zeer hard nodig zal hebben. Hoe zou iemand zich dan verdrietig kunnen voelen wanneer hij zeker weet dat hij zal krijgen wat hem toekomt op het kritieke moment van de Dag des Oordeels? Hoe zou hij ooit kunnen rouwen of zich zorgen kunnen maken wanneer hij weet dat de Beste der Rechters zal oordelen tussen hem en zijn tegenstanders?



Geloof in het Lot



Wat betekent geloof in het Lot?



Dit betekent de vaste overtuiging dat alles, goed en kwaad, gebeurt met de wil van Allah, Die doet wat Hij wenst. Niets kan gebeuren zonder Zijn wil en in de hemelen en op de aarde ontsnapt zelfs iets met het gewicht van een atoom niet aan Zijn kennis. Echter, Hij heeft zijn dienaren geboden om bepaalde handelingen te verrichten en Hij heeft hun verboden om bepaalde andere handelingen te verrichten, waarbij Hij hun vrije wil heeft geschonken om te doen wat zij willen, zonder gedwongen te worden om iets tegen hun wil te doen. Hij heeft hen geschapen maar ook hun vermogen om dingen te doen. Hij leidt wie Hij wil met Zijn genade en misleidt wie Hij wil in Zijn absolute wijsheid. Hij zal niet bevraagd worden over hetgeen Hij doet, maar de mensen zullen wel bevraagd worden over hetgeen zij doen.


Geloof in het Lot is één van de pilaren van geloof (Imaan). Toen de Profeet ﷺ eens over geloof werd gevraagd, zei hij: “Dat is om te geloven in Allah, Zijn engelen, Zijn boeken, Zijn boodschappers, de Laatste Dag en om te geloven in het Lot, het goede en het slechte ervan.” (Sahieh Muslim: 8)



Wat omvat geloof in het Lot?


Geloof in het Lot omvat het volgende:

  • Geloof dat Allah ﷻ alles weet en dat Hij alles al wist van Zijn schepping voor Hij haar tot stand bracht. Zijn voorkennis omvat hun voorzieningen, hun toegewezen tijd van leven, hun woorden en daden, al hun handelingen, wat ze verbergen en kenbaar maken, degenen die tot het paradijs worden toegelaten en ook degenen die naar het hellevuur zullen worden gezonden. De Qur’an zegt: “Hij is Allah, buiten Wie er geen god is, de Kenner van het verborgene en het waarneembare. Hij is de Barmhartige, de Genadevolle.” (Soera al Hashr 59:22)
  • Geloof dat Hij alles heeft vastgelegd dat zal bestaan volgens Zijn voorafgaande kennis in het Welbewaarde Tablet (het Boek der Bepalingen). Zoals de Qur’an stelt: “Geen enkele ramp treft de aarde, of treft jullie zelf, of zij is opgetekend in een boek voordat Wij haar tot stand brengen.” (Soera al Hadied 57:22) De Profeet ﷺ heeft in dit verband ook gezegd: “Allah legde 50.000 jaar voordat Hij de hemelen en de aarde creëerde, de omvang van alle zaken vast met betrekking tot de schepping.” (Sahieh Muslim: 2653)
  • Geloof dat de wil van Allah absoluut is en niet dwars gezeten of betwist kan worden door welke macht dan ook. Alles vindt daarentegen plaats zoals Hij dat wil. Wat Hij wil vindt zeker plaats en wat Hij niet wil kan onmogelijk plaats vinden. De Qur’an zegt: “En jullie kunnen niets wensen tenzij Allah, de Heer der werelden, dat wenst.” (Soera at Takwier 81:29)
  • Geloof dat Allah ﷻ de oorsprong van alles is; dat Hij de enige Schepper is naast Wie er geen andere schepper is; dat alles dat bestaat geschapen is door Hem en dat Hij macht heeft over alle dingen. Zoals de Qur’an stelt: “Hij heeft alles geschapen en er de juiste maat voor vastgesteld.” (Soera al Foerqaan 25:2)



De mens bezit vrije wil, keuzevrijheid en het vermogen om te doen wat hij wil



Geloof in het lot houdt op geen enkele manier in dat de mens geen vrije wil heeft of geen keuzevrijheid heeft in zijn handelingen. Dit kan bewezen worden met islamitische teksten maar ook door concreet bewijs uit de materiële wereld.

De Qur’an zegt: “Dat is de ware Dag. Voor wie dat wenst, laat hem het pad naar zijn Heer nemen.” (Soera an Naba’ 78:39)

Over het vermogen van de mens om te doen zoals hij wenst, zegt de Qur’an: “Allah belast niemand met verantwoordelijkheden die buiten zijn draagkracht liggen. Alles wat hij [goed] doet is in zijn eigen voordeel. Alles wat hij [slecht] doet is in zijn eigen nadeel.” (Soera al Baqara 2:286)

Wanneer we kijken naar concreet bewijs in de materiële wereld, dan beseft elke mens dat hij vrije wil heeft en de mogelijkheid om te doen wat hij wil. Hiermee kan hij kiezen tussen verschillende zaken. Hij kan sommige dingen bewust vrijwillig doen, zoals lopen, maar hij kan sommige dingen onmogelijk bewust zelf doen, zoals rillen of plotseling vallen. Ten slotte kunnen we zeggen dat de wil en het vermogen van de mens slechts kunnen volgen na de wil en het vermogen van Allah de Almachtige. Zoals de Qur’an stelt: “Dit is niet meer dan een vermaning voor de werelden, voor degenen van jullie die het rechte pad wensen te bewandelen. En jullie kunnen niet iets wensen tenzij Allah, de Heer der werelden, dat wenst.” (Soera at Takwier 81:27-29)

> “We hebben hem op het pad geleid. Het is aan hem om dankbaar of ondankbaar te zijn.” (Soera al Insaan 76:3)



Het gebruik van het Lot als excuus om te zondigen



Het volgen van religieuze verplichtingen, het gehoorzamen aan religieuze geboden en het vermijden van goddelijke verboden, zijn afhankelijk van de vrije wil van de mens en zijn vermogen om te kiezen wat hij wil. Naar aanleiding daarvan zullen de rechtschapenen worden beloond vanwege hun keuze voor het pad van rechtschapenheid en zullen de kwaadwillenden worden gestraft vanwege hun keuze voor het pad van het kwaad.

Allah de Almachtige ﷻ legt ons geen verplichtingen op die boven ons vermogen liggen en Hij wil niet dat een van ons zijn religieuze plichten verwaarloost door het Lot als excuus te gebruiken.

Daarnaast heeft Allah ons begiftigd met vrije wil en keuzevrijheid en ons duidelijk het pad van rechtschapenheid en het pad van het kwaad laten zien. Wanneer we Allah ongehoorzaam zijn, komt zulke ongehoorzaamheid enkel van onszelf en van onze eigen keuzes. Daarom zullen wij de consequenties van onze keuzes zelf moeten dragen.

Als iemand jou zou aanvallen, je schade zou berokkenen, je van je geld zou beroven en vervolgens zou beweren dat hij dit alleen had gedaan omdat dit bepaald zou zijn door Allah, dan zou je zijn excuus volkomen belachelijk en onacceptabel vinden. Je zou hem zeker straffen en je geld terugvorderen, want hij had deze acties volkomen op eigen initiatief ondernomen.


Voordelen van geloof in het Lot


Geloof in het Lot brengt talrijke voordelen in het leven van de mens, waaronder de volgende:

1

Het is een van de beste stimulansen in dit leven om te handelen op een manier die Allah tevreden stelt.

De gelovigen zijn bevolen om zo goed mogelijk te doen wat zij kunnen doen en hierbij te vertrouwen op Allah ﷻ. Zij geloven dat wat zij doen onmogelijk enig resultaat kan hebben zonder de wil van Allah, omdat Allah de schepper van oorzaak en gevolg is. 

De Profeet ﷺ zei eens: “Koester dat wat jou baat [in het hiernamaals], zoek de hulp van Allah en wees niet bedroefd. Als er iets onplezierigs met jou gebeurt, zeg dan niet: ‘als ik het zus of zo had gedaan zou, zou er dit of dat anders zijn gebeurd.’ Zeg liever: ‘qadaroellaahie wa maa shaa’a fa’ala (Deze lotsbepaling is van Allah en Hij doet wat Hij wil.)’ want het woord ‘als’ begint het werk van de Duivel.” (Sahieh Muslim: 2664)

2

Geloof in het Lot moedigt de mens aan om zichzelf op waarde te schatten en hij probeert hiermee verwaandheid en arrogantie tegen te gaan, want hij weet dat hij niet weet wat voor hem bepaald is. Dit zorgt ervoor dat hij zijn zwakte beseft en ook zijn behoefte aan Allah ﷻ kan toegeven, waardoor hij zich constant tot Hem wendt.

In het algemeen wordt de mens verwaand wanneer hem iets goeds overkomt en wordt hij verdrietig en teneergeslagen wanneer hem iets slechts overkomt. Alleen geloof in het Lot zal de mens beschermen tegen gevoelens van arrogantie in tijden van gemak en tegen gevoelens van terneergeslagenheid in tijden van moeilijkheden, want hij weet dat alles gebeurt volgens de bepaling van Allah en Zijn voorkennis.

3

Geloof in het Lot helpt om de zonde van jaloezie te overwinnen. Een ware gelovige benijdt mensen niet vanwege de gunsten die Allah hun geschonken heeft, want hij weet dat het Allah ﷻ is die hun deze gunsten in de eerste plaats heeft geschonken en dat het benijden van anderen neerkomt op bezwaar maken tegen de lotsbepaling van Allah.

4

Het vervult het hart van de gelovige met moed en versterkt zijn standvastigheid oog in oog met beproevingen, want hij weet dat zijn wereldse voorzieningen en zijn toegewezen tijd reeds bepaald zijn door Allah ﷻ en dat niets met hem zal gebeuren behalve wat Allah voor hem bepaald heeft.

5

Het vervult hem van de talrijke realiteiten van geloof. De consequentie hiervan is dat hij continu de ondersteuning van Allah zoekt en zijn vertrouwen plaatst in Allah nadat hij heeft gedaan wat van hem verlangd werd. Het toont zijn continue behoefte aan Allah, van Wie hij de steun verkrijgt om op het rechte pad te blijven

6

Het stelt hem gerust en vervult zijn hart van vrede en tevredenheid, want hij weet dat wat aan hem voorbij ging, nooit met hem zou gebeuren; en dat wat met hem gebeurde nooit aan hem voorbij zou gaan.